Onvruchtbaarheid
bij mannen
|
| Teelbalkanker
en spermakwaliteit |
|

Het gaat niet goed met de Vlaamse vruchtbaarheid. Steeds
meer stellen komen bij de medische stand terecht om
hun kinderwens in vervulling te zien gaan. Sinds de
jaren negentig gaat de spermakwaliteit er in o.a. België,
Frankrijk, Groot-Brittannië en Denemarken drastisch
op achteruit.
Uit gegevens van kandidaat-donoren van de Gentse spermabank
over de afgelopen 25 jaar blijkt dat het percentage
zaadcellen per ejaculaat dat zich voldoende snel en
rechtlijnig voortbeweegt is gedaald van gemiddeld 50
tot 30 procent. Het aantal goedgevormde zaadcellen is
in die zelfde periode met 40 á 50 procent afgenomen.
Dat betekent dat momenteel tussen de 8 en 9 procent
van de mannen verminderd vruchtbaar is – vijf
maal meer dan twintig jaar geleden. Van nog eens 8 procent,
ook al vijfmaal meer dan twintig jaar geleden, is bijna
zeker dat ze niet in staat zullen zijn om een bevruchting
tot stand te brengen.

|
| Op zoek naar
oorzaken |
|

De Deens arts Niels Skakkebaek stelde in de jaren zestig
en zeventig in zijn land een toename van het aantal
teelbalkankers vast tot ongeveer de hoogste frequentie
ter wereld. Hij heeft toen al de bestaande literatuur
geanalyseerd en gezien dat de spermakwaliteit al een
halve eeuw achteruitging in Denemarken. En hij legde
een verband tussen beide verschijnselen. Vraag was waarom
het aantal teelbalkankers in Denemarken in vijftig jaar
vervijfvoudigd was. Die snelle achteruitgang kon niet
genetisch bepaald zijn. Uiteindelijk was de conclusie
dat milieufactoren een rol moeten spelen.

|
| Oestrogenen:
echte en xeno’s |
|

De oestrogeen theorie legt het verband tussen teelbalkanker,
onvruchtbaarheid bij de man en de blootstelling aan
het vrouwelijk geslachtshormoon oestrogeen.
- Diethlylstilbestrol,
kortweg “DES-hormoon” werd in de jaren
vijftig gebruikt om miskramen tegen te gaan. De
zogenaamde DES-dochters die toen geboren zijn ontwikkelden
op latere leeftijd kanker. Maar minstens even belangrijk
zijn de waarnemingen die men deed bij de DES-zonen.
Men zag bij hen bijvoorbeeld dat de pisbuis ergens
halverwege de penis uitmondde (hypospadias), dat
de teelballen niet indaalden (cryptorchidie) en
dat de zaadcelproductie was verstoord. Dit soort
aandoeningen wordt nu ook vaker vastgesteld bij
de algemene bevolking. Men is al snel het verband
gaan leggen met blootstelling aan vrouwelijk hormonen,
zoals het toenmalige DES-hormoon.
- De
contraceptieve pil of de pil na de menopauze bevat
ethinyl-oestradiol, een afgeleid product van het
vrouwelijk oestrogeen hormoon, maar dan een variant
die tachtig keer beter wordt opgenomen. Via de urine
komt het ethinyl-oestradiol in het afvalwater terecht
en zo via de waterzuiveringsstations weer in het
drinkwater. In Denemarken wordt het grootste deel
van het drinkwater gerecycleerd. Denemarken is een
van de meest vooruitstrevende 'groene' landen, en
een van de eerste landen waar men waterzuiveringsstations
heeft geopend. Maar dat blijkt dus geen goede zaak
te zijn voor de mannelijke vruchtbaarheid.
- Volgens
Dr.Ringvold, een Noorse onderzoeker, werken ook
sommige schadelijke stoffen uit het milieu op ons
lichaam in als waren het oestrogenen. Ze worden
daarom wel eens “xeno-oestrogenen” genoemd.
De hoofdverdachten zijn PCB, dioxine en sommige
pesticiden. Die zouden bij de man afwijkingen aan
geslachtsorganen veroorzaken en ook een verminderde
vruchtbaarheid. Zo heeft men zuivere regenboogforellen
uit de heldere watertjes van Schotland gehaald en
die in kooien in de Theems neergelaten, bij een
plaats waar (“gezuiverd”) water werd
geloosd. Binnen de drie weken waren de volwassen
mannetjes helemaal “vervrouwelijkt”.

|
| Levensgewoonten
en ziekten |
|

Levenswijze en voeding zijn ook van belang. Overmatig
gebruik van alcohol, drugs, tabak of bepaalde medicijnen,
een tekort aan sommige oliën en vetten, het dragen
van spannende broeken en het nemen van hete baden zijn
allemaal niet goed voor de aanmaak van nieuwe zaadcellen.
Verder
kunnen ook sommige ziekten de spermaproductie verminderen:
spataders aan de teelbal, bof of antistoffen tegen
eigen zaadcellen.
Al
deze verschillende factoren versterken elkaar. Een
man met spataders die rookt, heeft minder goed sperma
dan iemand met spataders die niet rookt.

|
| Ligt het alleen
aan de man? |
|

Een man met verminderde vruchtbaarheid heeft nog een
goede kans dat een bevruchting lukt, behalve als zijn
vrouw maar eens om de twee maanden een eisprong heeft,
of als haar eileider minder goed functioneert. En dat
ziet men steeds vaker voorkomen, omdat vrouwen tegenwoordig
steeds later aan zwangerschap beginnen te denken dan
vroeger. Door al die factoren samen heeft momenteel
één op de zes á zeven paren vruchtbaarheidsproblemen.
En bij een kwart van die stellen ligt dat aan zowel
de man als de vrouw.

|
| Verwerking
|
|

Mannen kunnen kennelijk hun onvruchtbaarheid veel
moeilijker verwerken dan vrouwen. Vaak neemt de vrouw
liever de verantwoordelijkheid op zich en vindt het
heel erg voor haar man als er bij hém iets
fout zit. Mannen vinden het ook al snel een aantasting
van hun man-zijn, het is voor hen zeer ingrijpend
als ze er niet in slagen de kinderwens van hun vrouw
te vervullen.
Een
man gaat ervan uit dat bij hem alles wel in orde zal
zijn. Meestal ook kan hij niet zelf vaststellen dat
er bij hem iets mis is. Als een vrouw niet menstrueert,
dan weet ze al snel dat er iets niet klopt. Maar een
man kan gemeenschap hebben en zaad lozen en toch onvruchtbaar
zijn. Dat er in zijn ejaculaat eventueel bijna geen
gezonde zaadcellen zitten, dat ziet hij niet.
Er
zijn paren die daarom uiteen gaan. Soms omdat de man
zijn vrouw het niet wil aandoen dat ze door hem kinderloos
zal blijven, maar vaker omdat voor de vrouw haar kinderwens
voor alles gaat en de man per se niet wil dat er donorzaad
wordt gebruikt.
Voor mannen is de hele kwestie een groot taboe. Onbespreekbaar
bij vrienden en familie.
Dat met elkaar of met de arts kunnen bespreken is
een eerste stap naar verwerking en daadwerkelijke
oplossing van het probleem, ook relationeel.

|
| Links
|
|
| 
Mocht
je na het lezen van deze brochure nog vragen hebben,
stel ze gerust tijdens de raadpleging!
Dr. Patrick
Sweetlove,
Osystraat 41, 2060 Antwerpen
Raadpleging enkel na afspraak op: 03 / 225 24 25.
|
| Terug
naar Medische informatie |